Weekje trekvogels

Zaterdag 23 september t/m zaterdag 30 september

Na een paar nogal drukke weken met m’n studie, levert een weekend weg naar Amerongen met mijn studentenvereniging even wat ontspanning. Ik kan het natuurlijk niet laten om ook een beetje omhoog te kijken tijdens het weekend: het levert zowaar een via bosjes en paaltjes trekkende Gekraagde Roodstaart op en als hoogtepunt een juveniele Roodpootvalk! Dat zijn toch wel de leuke soorten om te hebben!

Een halve week later zit ik in college als in de Wageningse regio-app een Siberische Boompieper in de Bovenpolder wordt gemeld. Zo dan, dat is toch wel een goede soort om ter plaatse te hebben in het binnenland. Na het eten ben ik er dan ook als de kippen bij, samen met nog tientallen anderen. Deze soort, die de laatste jaren steeds vaker wordt gezien (tenminste, vooral gehoord), laat zich echter maar moeilijk zien. Het blijft bij meerdere roepjes en twee keer een zichtwaarneming in vlucht, waarbij ik net aan kan zien dat het een boompieper is. Ach, het is wel weer een hele gave nieuwe soort natuurlijk!

Dit weekend staan we dan voor het eerst dit najaar weer eens op de telpost, ook in het kader van de EuroBirdWatch. Het is niet veel soeps (zie hier voor de aantallen), maar twee Smellekens, een gekke Tapuit die even bovenin een boom gaat zitten en twee Bontbekplevieren (nieuwe telpostsoort!) maken veel goed. Na de telling gaan we door naar de Abraham Kroesweg, waar de laatste weken plotseling veel stelten zaten (onder andere Krombekstrandlopers en Zilverplevieren, beide gemist…). Het stuk land waar ze zaten is helaas grotendeels opgedroogd, en op een Bontbekplevier en een Kleine Strandloper na, is het leeg.

De Triangel doen we natuurlijk ook nog even. Qua vogels zit er niet heel veel, maar een Boomvalk en een Waterral zijn uiteraard wel leuk. Gaaf is vooral een vrouwtje Zwervende Heidelibel. Een soort die we een aantal jaar terug al in Waddinxveen hadden, maar nu dus weer terug is. Prachtige ogen hebben ze toch… Vervolgens is een door Daniel gevonden Bladkoning op een paar honderd meter van m’n huis een leuke afsluiter van een weekje met weinig tijd, maar toch aardig wat trekvogels.

Zwervende Heidelibel; Red-veined Darter; Sympetrum fonscolombii

Advertisements

Tóch weer de Triangel

26 augustus, mooi weer, al veel waarnemingen van leuke soorten ‘s ochtendsvroeg: het kan niet anders, dat moet wat opleveren. Dus begin ik in het Bentwoud, maar dat valt tegen. Een groot deel is volledig overgroeid met jonge wilgjes, en dus niet echt heel interessant meer. Sowieso is het stil, er vliegen alleen af en toe wat groepjes Kneu op. Bij een plasje dan toch nog wel wat leuks: er zwemt een Dodaars (wat doet dat beest hier?) en er zitten twee Groenpootruiters, die een kwartiertje later luid roepend opvliegen en naar zuid door gaan.

Groenpootruiter; Common Greenshank; Tringa nebularia

Omdat ik nog veel te vroeg ben om al naar huis te gaan, rijd ik nog even door naar de Triangel. Gisteren had ik hier al een enorme groep Ringmussen, dus er is daar in ieder geval wel activiteit. Wel is het grootste deel ondertussen al bebouwd met huizen, en daartussen liggen nog wat kleine kruidenveldjes. Echt veel verwachten we er dus ook niet meer van dit jaar. Een eerste veldje langs de Tuinbouwweg levert enkel wat Kneutjes en Oeverzwaluwen bij hun nestwand op. Iets verderop liggen nog wat kruidenveldjes, en hier zitten de Ringmussen weer, stuk of 80, echt bizar veel voor Waddinxveen. Na een paar meter lopen stoot ik een gorsachtig dingetje op, zonder witte staartvlaggen. Geen rietgors dus, maar wat dan? Hij roept af en toe, en het geluid doet me denken aan een ortolaan. Het zal toch niet… Hij landt op een hoop grond, blijft daar een tijdje zitten en jawel: Het is gewoon echt een Ortolaan! Dat is toch wel een hele leuke verrassing weer hier. Helaas zitten alle andere Waddinxveense vogelaars ergens anders, dus ik kan er niemand direct blij mee maken. In de tijd die volgt lukt het me nog twee keer om hem opnieuw op te stoten, daarna vind ik het wel best. Hét bewijs dat de Triangel nog lang niet afgeschreven mag worden!

Ortolaan; Ortolan Bunting; Emberiza hortulana

Ortolaan; Ortolan Bunting; Emberiza hortulana

Ardèche III: Mission accomplished!

De vakantielocatie van dit jaar ligt een heel stuk zuidelijker dan andere jaren: drie weken lang zijn we naar de Ardèche (Darbres) geweest. Een streek met indrukwekkende kloven, prachtige bergen en een geweldige fauna. Ook een plek die duidelijk nogal heet is; drie weken lang komt de temperatuur nauwelijks onder de dertig graden, de laatste week loopt het zelfs op richting de veertig! Hoofddoelen deze vakantie: Havikarend en Aasgier!

HC4A1871

Ons vakantiehuisje; Our holiday cottage

Zaterdag 29 juli; Garrigue

Na overdag een leuke markt in Aubenas bezocht te hebben (zelfs middenin de stad overal Alpengierzwaluwen), loop ik ‘s avonds met m’n vader een rondje over een vlakte bij Aubenas. Net als bij Balazuc is dit ook zo een typisch Zuid-Franse garrigue. Een eerste nieuwe vlinder is al heel snel binnen: Oranje Steppevlinder. Totaal niet lastig hier, en deze voelt zich op het droge terrein duidelijk thuis: vele tientallen vliegen er rond. Qua vlinders is het verder ook leuk met veel Witbandzandogen, weer een Gestreepte Heivlinder, Tweekleurige Parelmoervlinders, Zuidelijke Aardbeivlinders etc.

Qua vogels is het verbazingwekkend stil. Lange tijd blijft het bij een Grote Lijster en wat Roodborsttapuiten. Vooral het steeneikenbos is doodstil. Pas redelijk laat begint er wat activiteit te komen: we horen meerdere Provençaalse Grasmussen, er vliegen ver weg alweer twee Slangenarenden, wat Kuifleeuweriken vliegen op en een vrouwtje Kleine Zwartkop laat zich eindelijk een keer leuk zien. Gaaf is vooral als er vlak voor zonsondergang (die overigens met de bergen van de Tanargue op de achtergrond ongelooflijk mooi was) een groep van 35 Bijeneters over komt vliegen, luid roepend! Echter, het echte hoogtepunt zijn wel de Roodkopklauwieren, waarvan één zich van misschien maar tien meter afstand ongelooflijk mooi laat zien. En dan te bedenken dat het voor de vakantie nog een nieuwe soort was…

Roodkopklauwier; Woodchat Shrike; Lanius senator

Oranje Steppevlinder; False Grayling; Arethusana arethusa

Zondag 30 juli; Gorges de l’Ardèche

Waar we overdag thuis blijven, is het ‘s avonds zo ver: we gaan naar de Gorges de l’Ardèche, hét hoogtepunt in de regio én de beste kans deze vakantie voor zowel havikarend als aasgier. We beginnen bij de Pont d’Arc, de beroemde brug over de Ardèche. Bij de parkeerplaats is het direct leuk met een Slangenarend, drie Raven en een Slechtvalk. Bij de Pont zitten we een uurtje en zowaar, omhoog kijken loont! Een roofvogel met een lichte buik die sterk met de vleugels contrasteert, zwarte eindband op de staart, goede vorm: Havikarend! Recht boven de Pont d’Arc vliegt hij wat rondjes, voor weer terug de Gorges in te keren. Dat is één, super lekker natuurlijk!

Na een uur gaan we verder, en als bij Chames de weg omhoog gaat, wordt het ongelooflijk mooi. Rotsen van 200-300 meter hoog boven de rivier, een prachtig keteldal, geweldige uitzichten… Alpengierzwaluwen en Rotszwaluwen vliegen overal rond, twee Slangenarenden zijn volop met elkaar bezig in de kloven en ook hier zitten twee Gestreepte Heivlinders.

Gorges de l’Ardèche

Gorges de l’Ardèche

Bij het Belvédère des Templiers (één van de uitzichtpunten over de Gorges) herinner ik me dat dit één van de plekken was waar aasgier zou moeten kunnen. Ik heb het nog niet gezegd en m’n vader roept dat hij een gekke roofvogel ziet: JAAAAAA, AASGIER! En hoe. Eerst vliegt hij vrij ver weg, maar komt dan een beetje onze kant op, totdat m’n broertje roept ‘boven de boom!’ en inderdaad, superlaag komt hij over ons heen vliegen. En dat met het mooiste licht en in een ongelooflijk mooie omgeving. Dit doet hij daarna nog een keer, voordat hij uiteindelijk achter rotsen verdwijnt. Hoe ongelooflijk vet dat nu dus gewoon allebei mijn grootste doelsoorten, dus zowel aasgier als havikarend, gelukt zijn! Wow… (Foto’s zijn gemaakt met de 200 mm-lens. Moet je je voorstellen hoe dichtbij hij vloog.)

Aasgier; Egyptian Vulture; Neophron percnopterus

Aasgier; Egyptian Vulture; Neophron percnopterus

Maandag 31 juli; Labeaume

Ach, met een aasgier en havikarend is de vakantie natuurlijk allang geslaagd (voor zover die dat nog niet was), maar we gaan gewoon door natuurlijk. Het is heet vandaag, dus we gaan zwemmen in de Beaume bij Labeaume. Een Heivlinder is een nieuwe vakantiesoort, en een Waterspreeuw komt hard langsvliegen. ‘s Avonds vindt m’n broertje een halfdode rombout, wat een Plasrombout blijkt te zijn. Beetje een trieste manier om een nieuwe soort te zien…

Dinsdag 1 augustus; Tanargue

Naast de omgeving van Gerbier de Jonc en de Mont Mézenc, is er nog een deel van de Monts d’Ardèche wat mooi aangeschreven staat, namelijk de Tanargue. Hier maken we vandaag een wandeling van een kilometer of elf vanaf de Col de la Croix de Bauzon, en via de Coucoulude en de Col de Meyrand weer terug. Echt veel vogels zijn er niet, twee Wespendieven zijn wel de leukste van de dag eigenlijk. Dit keer ook geen vlinders als hoogtepunt, maar een groep van ongeveer tien Wilde Zwijnen, die een meter of honderd voor ons het pad oversteekt! Één zeug, en de rest allemaal jongen. Heel gaaf, en iets dat ik niet eerder gezien had!

Wild Zwijn; Wild Boar; Sus scrofa

Vlinders zitten er overigens wel. Vooral de aantallen Boserebia’s vallen op, echt honderden. Veel ervan check ik, kijkend of er toevallig een andere soort tussen zit. Met succes, want ik vind één Grote Erebia, leuk! Verdere leuke soorten zijn bijvoorbeeld Oranje Steppevlinder, Morgenrood, Grote en Kleine Parelmoervlinders, Grote Boswachters, een Heivlinder en wat Witbandzandogen. Verder is het vooral genieten van het verrassend mooie bos en de prachtige uitzichten over de valleien.

Boserebia; Arran Brown; Erebia ligea

Tanargue

Woensdag 2 augustus; Rondrit Tanargue

Gisteren met het wandelen hebben we een deel van de Tanargue gezien, maar nog lang niet alles. En aangezien het beneden toch te heet is om iets te doen (rond de 35 graden), maken we vandaag met de auto een rondje langs de andere hoogtepunten in de Tanargue. Op de Col de la Croix de Bauzon weer een Wespendief en een Duinparelmoervlinder, alweer een nieuwe voor de vakantielijst.

Het landschap wordt pas echt indrukwekkend mooi als we vlakbij het dorpje Borne komen. Hier stoppen we met regelmaat, want het uitzicht is echt ongelooflijk mooi. Het levert met drie (!) Slangenarenden en zes Rode Wouwen ook nog leuke vogels op, terwijl de vlinders ook leuk zijn hier. In de korte tijd tijdens het uitstappen vind ik onder andere een Kommavlinder, weer een soort die ik nooit eerder zag. Verder leuke soorten als Bleek Blauwtjes, Oranje Steppevlinder, Grote Boswachter etc. De laatste stop van de dag is de Col de Meyrand, waar op een bloemenveldje nog een Kommavlinder zit, tussen de tientallen Grote en Kleine Parelmoervlinders. En natuurlijk zien we op de terugweg nóg een Slangenarend

Landschap bij Borne; Landscape near Borne

Kommavlinder; Silver-spotted Skipper; Hesperia comma

Donderdag 3 augustus; Kanoën van Balazuc naar Ruoms

Ondanks de hitte (39 graden!) gaan we vandaag wel kanoën, want ja, dat hoort er toch wel een beetje bij. Het is super mooi varen tussen de hoge rotsen door en langs mooie, oude stadjes. Weer zien we vandaag drie Slangenarenden, ze zijn echt enorm algemeen hier! Verder natuurlijk een Waterspreeuw, wat Oeverlopers, een Kleine Weerschijnvlinder en zowel Iberische, Weide- en Bosbeekjuffers. Een mooie laatste dag dus.

Vrijdag 4 augustus; Inpakken en terugreis

De laatste dag, en aangezien we dit keer al vrijdagmiddag vertrekken, zit vogelen ofzo er niet meer in. Wat Zwarte Wouwen en een Ree op de terugweg zijn dan ook de laatste leuke soorten van deze vakantie.

Zo heb ik deze vakantie ruim 90 vogelsoorten en ruim 60 vlindersoorten gezien! De libellen vielen wat tegen, maar dat had ik ook wel aan zien komen. Maar met acht nieuwe vogels, 17 nieuwe vlinders en twee nieuwe libellen heb ik natuurlijk een geweldig aantal lifers gezien. En in combinatie met de geweldige natuur was het zeker een zeer geslaagde vakantie.

Wageningse vlinders

Maandag 21 augustus 2017

Vlinders zoeken midden in een woonwijk klinkt niet echt heel aantrekkelijk. Maar ja, als dat de beste plek blijkt om Sleedoornpages te vinden, dan doen we dat natuurlijk gewoon. Deze zeldzame vlinder, met niet zo heel veel populaties meer in Nederland, komt onder andere voor in Wageningen, waar een relatief bekende en grote populatie zit. Dus ja, dan kan ik er ook niet onderuit om ze te gaan zoeken als ik er toch ben in de vliegtijd.

In de wijk Pomona – De Weiden zoek ik de plekjes af met guldenroede en sleedoorn, de twee plantensoorten waar ze het meest op zitten. Zoals ik al had gelezen, zijn ze vrij lastig te vinden, en na een uurtje rondlopen in de wijk heb ik nog steeds niks. Ok, een Bloedrode Heidelibel, Bruine Glazenmaker en Distelvlinder zijn leuk, maar ja… Als ik bijna weer terug wil gaan, zit het echter mee: als ik met m’n arm per ongeluk door een sleedoorn ga, vliegt er één vrouwtje Sleedoornpage op! Deze laat zich een tijd lang geweldig bekijken, terwijl ze over de takjes lopend zoekt naar een geschikte plek om eitjes af te zetten. Geweldig mooie onderkant, en het voordeel aan een vrouwtje is dat ze op de bovenvleugels ook een feloranje vlek hebben. Heel gaaf.

Sleedoornpage; Brown Hairstreak; Thecla betulae

Sleedoornpage; Brown Hairstreak; Thecla betulae

Ardèche II: Wandelen in kloven, bossen en bergen

De vakantielocatie van dit jaar ligt een heel stuk zuidelijker dan andere jaren: drie weken lang zijn we naar de Ardèche (Darbres) geweest. Een streek met indrukwekkende kloven, prachtige bergen en een geweldige fauna. Ook een plek die duidelijk nogal heet is; drie weken lang komt de temperatuur nauwelijks onder de dertig graden, de laatste week loopt het zelfs op richting de veertig! Hoofddoelen deze vakantie: Havikarend en Aasgier!

HC4A1871

Ons vakantiehuisje; Our holiday cottage

Zondag 23 juli; Rondje omgeving

Ons huisje ligt direct onder de Coiron, een hoogvlakte, en eigenlijk een uitloper van de Monts d’Ardèche. Zijn we nog niet geweest, dus vandaag maken we hier een rondje langs meerdere mooie punten. Onderweg naar boven zien we meerdere Bijeneters en wat Grauwe Klauwieren, die bovenop het plateau nogal algemeen zijn. Bij het eerste uitzichtspunt vliegt een prachtige, tamme Koningspage plus de eerste Kleine Parelmoervlinder van de vakantie. Over het plateau rijden we naar de Balmes de Montbrun, grotwoningen uit de prehistorie. Eigenlijk als we uit de auto stappen, heb ik direct een nieuwe vlinder: Witbandzandoog! Een grote vlinder, die de volgende dagen hier nogal algemeen blijkt. Maar, leuk! Het gaat direct goed verder, want m’n moeder ziet twee grote roofvogels aankomen, wat Vale Gieren blijken te zijn! Constant worden ze aangevallen door een Boomvalk en een Sperwer. Ze cirkelen wat, en vliegen weer verder, dat zijn toch de leuke soorten! Verder hier een veldje met extreem veel Tweekleurige Parelmoervlinders, en op de terugweg vliegt er zowaar nóg een Vale Gier over. Toch een leuk rondje door de omgeving zo!

‘s Avonds loop ik nog even een rondje voor wat vlinders. Niet veel anders dan de afgelopen dagen, maar wel wat leuke libellen langs het beekje: er vliegen meerdere Bosbeek- en Iberische Beekjuffers en wat Kleine Tanglibellen meridionalis (de zuidelijke ondersoort), maar twee patrouillerende Schemerlibellen (nieuwe soort) zijn toch wel veruit het leukst!

HC4A0597 (2)

Koningspage; Scarce Swallowtail; Iphiclides podalirius

HC4A0666 (2)

Kleine Tanglibel; Small Pincertail; Onychogomphus forcipatus

Maandag 24 juli; Bois de Païolive

Eindelijk, het is afgekoeld. Tenminste, voor drie dagen. Dus, vandaag gaan we direct wandelen, in het Bois de Païolive, een mooi steeneikenbos met vele rotspartijen. Niet bizar veel vogels of vlinders ofzo. Wel de eerste Keizersmantels van de vakantie, en ‘standaard’soorten als Alpengierzwaluw, Witbandzandoog en een Blauwe IJsvogelvlinder. Eindelijk ook een keer een Vliegend Hert, wat enorm groot zijn die dingen. En lomp, als ze vliegen. Op de terugweg proberen we wat rotsmussen te vinden op een plek die ik gekregen had via V. Palomares, een local uit de Ardèche met wie ik mailcontact had. We kunnen ze helaas niet vinden. ‘s Avonds bij het huisje met wat moeite een Kleine Zwartkop, maar ook deze was weer vreselijk schuw.

HC4A0717 (2).JPG

Vliegend Hert; Stag Beetle; Lucanus cervus

Dinsdag 25 juli; Cirque de Gens / Garrigues bij Balazuc

Weer ‘fris’ (lees: graad of 25), dus weer wandelen. Dit keer langs de Ardèche bij het Cirque de Gens, tussen de indrukwekkend hoge wanden van de Gorges. Mooi is het inderdaad, en ook hier weer opvallend rustig met andere wandelaars. Bij de parkeerplaats zingt een Graszanger, maar niet te zien. Natuurlijk zitten er in de Ardèche ook weer Waterspreeuwen, uiteindelijk twee kunnen vinden. Verder een Witte Breedscheenjuffer, Kleine Weerschijnvlinder en rondscherende Alpengierzwaluwen.

Richting het einde komen we nog langs een leuk vlinderveldje. Het levert het eerste zekere Adonisblauwtje én een Bosparelmoervlinder als nieuwe soorten op. Beide soorten die in Nederland niet te zien zijn (adonisblauwtje), of best wel zeldzaam zijn (bosparelmoer). Verder leuke soorten als Cleopatra, Argusvlinders en Gele Luzernevlinders.

HC4A0772 (2)

Cirque de Gens

HC4A0809 (2)

Waterspreeuw; White-throated Dipper; Cinclus cinclus

Thuis al had ik wat leuke plekjes gevonden voor wat leukere vogels. Één daarvan was de garrigue-vlakte vlakbij Balazuc. We waren er vlakbij, en hadden nog tijd over… Supervreemde vlakte was het, met allemaal lage begroeiing, een groot deel ervan halfdood. Wel leuk vogelen: zelfs twee nieuwe soorten! Wat klauwieren op afstand trekken mijn aandacht, en onderweg er naar toe vliegt een groepje van vier Rode Patrijzen op! De klauwieren blijken ook leuk te zijn: Inderdaad, geen grauwe, maar heuse Roodkopklauwieren. Een heel gezinnetje, waarvan de jongen nog gevoerd werden! Terug naar de auto vind ik zelfs nog een groepje. Ook aan een volledig onbekende vlinder besteed ik wat aandacht, en dit blijkt een Gestreepte Heivlinder te zijn, vrij lastige soort hier, dus dat is toch wel leuk. Verder andere soorten als Provençaalse Grasmus (kort gezien alleen maar), een klein aantal Kuifleeuweriken, volop Zwervende Heidelibellen en laag overvliegende Alpengiertjes, waarvan het zelfs lukt om ze te fotograferen. Vanuit de auto zien we nog een prachtig jagende Slangenarend, geweldig gaaf boven zo’n vlakte.

HC4A0866 (2)

Zwervende Heidelibel; Red-veined Darter; Sympetrum fonscolombii

HC4A0951 (2)

Alpengierzwaluw; Alpine Swift; Tachymarptis melba

HC4A0961 (2)

Gestreepte Heivlinder; Striped Grayling; Hipparchia fidia

Woensdag 26 juli; Rondje fietsen II / Montélimar

Vlakbij Lussas besteed ik de vroege uurtjes. Leuk stukje ruigte hier, met overal zingende Bergfluiters, Cirlgorzen en Orpheusspotvogels. Maar, voordat ik hier aan was gekomen, had ik al een enorme groep Bijeneters gevonden, waarschijnlijk een slaapplaats. Stuk of veertig, overal rondvliegend, wat gaaf! Ze bleven de hele ochtend in de buurt, en ook rond het stuk ruigte, foeragerend vanaf elektriciteitsdraden. Mooier kun je ze niet krijgen, met het vroege ochtendlicht erop. Verder een klein aantal Boomleeuweriken, een Graszanger en alweer een groepje Roodkopklauwieren, waarvan één totaal niet schuw was.

Tweede deel van de dag gaan we richting Montélimar. Eerst een gave brug over de Rhône, met de prachtige naam ‘Passerelle Himalayenne‘. Ook hier zingt weer een Graszanger. Verder is Montélimar werkelijk helemaal niks. Alles staat leeg, en het is gewoon écht niet mooi. Afrader dus.

HC4A1035 (2).JPG

Bijeneter; European Bee-eater; Meriops apiaster

HC4A1110 (2).JPG

La Passerelle Himalayenne

Donderdag 27 juli; Thuis

Na vier actieve dagen blijven we weer een dag thuis. ‘s Ochtends vroeg loop ik een rondje door de tuin, me vermakend met alle Wielewalen, Bergfluiters en Cirlgorzen. Wat later ga ik weer even naar het ‘nieuwe’ veldje net buiten de tuin, waar nog veel meer vlinders zitten dan het veldje in de tuin. Al heel snel ook weer een nieuwe vlinder, eentje die vrij algemeen zou moeten zijn in Frankrijk, maar die maar niet lukte: Knoopkruidparelmoervlinder! Lange naam, mooi beestje en nieuwe soort #10 van de vakantie. Verder vliegen er ook hier heel wat Zuidelijke Aardbeivlinders, Adonisblauwtjes en Bosparelmoervlinders. Allemaal nieuw deze vakantie, en nu zitten ze ‘opeens’ overal. Verder wat Bretons Spikkeldikkopjes, veel Tweekleurige Parelmoervlinders, Kleine en Bruine Vuurvlinder, wat Zwartsprietdikkopjes en ook hier een Zwervende Heidelibel. Toch leuk, zo’n veldje zo dichtbij het huisje.

Als ik wat later op de dag door de beek loop, zie ik natuurlijk weer meerdere Waterspreeuwen (wel erg schuw) en een leuke verrassing: Bosrandparelmoervlinder. Ook alweer een soort die vrij simpel zou moeten zijn, maar het tot nu toe niet was.

HC4A1182 (2)

Bergfluiter; Bonelli’s Warbler; Phylloscopus bonelli

HC4A1224 (2)

Zuidelijke Aardbeivlinder; Southern Grizzled Skipper; Pyrgus malvoides

HC4A1231 (2)

Knoopkruidparelmoervlinder; Knapweed Fritillary; Melitaea phoebe

Vrijdag 28 juli; Gerbier de Jonc / Mont Mézenc

Vandaag één van de plekken waar ik al lang naar had uitgekeken: de Monts d’Ardèche, een bergketen die de hele (noord)westelijke zijde van het departement beslaat. Een prachtig gebied, met als hoogste top de Mont Mézenc (1753 m.). We gaan eerst naar de Gerbier de Jonc, een vulkanische koepelberg, die nogal vreemd afsteekt in het verder vrij desolate landschap. Vanaf de top, na een nogal zware klim, een prachtig uitzicht over de omgeving, en zeker ook qua vlinders was het hier leuk rondlopen. Aan de voet overal de ongelooflijk mooie (en nieuwe) Morgenrood, vooral op kruiskruid. Één Rode Vuurvlinder er tussen, al net zo een prachtige vlinder. Iets meer omhoog vlogen opvallend veel Kleine Vossen, en ook Grote en Kleine Parelmoervlinders vlogen in groten getale rond.

HC4A1284 (2)

Morgenrood; Scarce Copper; Lycaena virgaureae

Door naar de Mont Mézenc, waar we een wandeling maken. Eerste deel gaat langs de rand van een naaldbos, uitkijkend over de hoogvlaktes van de Haute-Loire. Het tweede deel lopen we omhoog naar de twee toppen van de berg. We zijn nog maar net uitgestapt en begonnen met lopen, als een groepje van zeven vogeltjes voor ons uit vliegt. Citroensijzen? Het duurt even voor ze zich goed laten zien, maar inderdaad, het zijn Citroensijzen! Ook deze plek had ik via V. Palomares al doorgekregen, maar ze zouden wel lastig zijn. Toch leuk als het dan zo snel al lukt.

Het pad langs de hoogvlakte is ten eerste ongelooflijk mooi, en ten tweede een paradijs voor vlinders. Met meer tijd had ik gegarandeerd meer leuke soorten kunnen hebben, maar ook nu nog was het geweldig. Boserebia had ik nog nooit eerder: hier vlogen er tientallen, zo niet honderden. Koevinkjes, Grote en Kleine Parelmoervlinder, Groot, Geelspriet- en Zwartsprietdikkopjes, Bosrandparelmoervlinders, weet ik het hoe veel Dambordjes: geweldig! Ook meerdere leuke vogels: Zwarte en Rode Wouw, Raven, Zwarte Mees, Kuifmees… later op de terugweg zagen we hier ook nog een Slangenarend, een paar meter boven de auto. Wow…

Het tweede deel was volledig anders, maar niet minder mooi. In het naaldbos een vreemd tjakkend geluid. Notenkraker? Geen idee, het lukte niet om hem te zien te krijgen. Maar inderdaad, geluid nageluisterd op internet, en inderdaad, het bleek om een Notenkraker te gaan! Jammer dat we hem niet te zien kregen, maar het is sowieso wel een gaaf geluid. Vanaf de top van de Mont Mézenc een bizar mooi uitzicht: zelfs de hoogste toppen van de Franse Alpen (Mont Blanc, Barre des Écrins) waren te zien, een afstand van 230 kilometer! Hier ook de enige Koninginnenpages van de vakantie. Op de terugweg door het bos nóg maar een nieuwe vlinder: Braamparelmoervlinder, wat een mooie achtervleugels!

HC4A1376 (2)

Hoogvlakte

HC4A1420 (2)

Mont Mézenc

HC4A1436 (2)

Braamparelmoervlinder; Marbled Fritillary; Brenthis daphne

Score na de tweede week: zes nieuwe vogels, veertien nieuwe vlinders, één nieuwe libel. Plus natuurlijk geweldig mooie natuur. En dan moest de laatste week, met onder andere de Tanargue en de Gorges de l’Ardèche nog komen…

Ardèche I: Vooral véél vlinders. En hitte…

De vakantielocatie van dit jaar ligt een heel stuk zuidelijker dan andere jaren: drie weken lang zijn we naar de Ardèche (Darbres) geweest. Een streek met indrukwekkende kloven, prachtige bergen en een geweldige fauna. Ook een plek die duidelijk nogal heet is; drie weken lang komt de temperatuur nauwelijks onder de dertig graden, de laatste week loopt het zelfs op richting de veertig! Hoofddoelen deze vakantie: Havikarend en Aasgier!

HC4A1871

Ons vakantiehuisje; Our holiday cottage

Zondag 16 juli; Heenreis

Onderweg opvallend veel Zwarte Wouwen, werkelijk overal jagen groepen van deze prachtige roofvogels. Bij het huisje aangekomen, blijkt het een prima vogelplek te zijn. Bergfluiters (pas één keer eerder gezien) zingen rond het hele terrein, net als Cirlgorzen. Vooral heel gaaf is ook het (of zijn het er meerdere) familiegroepje Wielewalen dat rond de tuin vliegt. Eenmaal zit het mannetje zelfs bovenin een kale boom met, jawel, drie Bijeneters! Een snel rondje over het grasveld levert al direct een Klaverblauwtje op en meerdere Koningspages en Dambordjes. Wat een geweldige plek!

Maandag 17 juli; Thuis

M’n vader en broertje komen ergens ‘s middags thuis met het nieuws dat ze meerdere Waterspreeuwen hebben gevonden in de beek die 100 meter van ons huis stroomt. Een snel rondje is genoeg om er al snel vijf van te vinden, wat gaaf! Verder natuurlijk veel Grote Gele Kwikstaarten en Kleine Tanglibellen. Leuk zijn ook de Zuidelijke en Beekoeverlibellen die hier vrij veel rondhangen.

Ook besteed ik aardig wat tijd aan de helling achter ons huis, waar ik na wat zoeken uiteindelijk meerdere Orpheusspotvogels weet te vinden. Een soort die ik op de een of andere manier nog nooit gezien heb, terwijl ze in Frankrijk best algemeen zijn. Maar goed, nu dus wel. ‘s Avonds laten de Wielewalen zich ook weer even leuk zien.

HC4A0128 (2)

Wielewaal; Golden Oriole; Oriolus oriolus

Dinsdag 18 juli; Thuis / Tour de France

‘s Ochtends begin ik aan de vlinders hier. In de tuin zelf lijkt een leuk vlinderveldje te liggen, en dat blijkt het inderdaad te zijn: binnen een uurtje zoeken vind ik drie (!) nieuwe vlindersoorten! Alle blauwtjes afzoeken levert in ieder geval één Esparcetteblauwtje op, een vrouwtje. Hetzelfde geldt voor het afzoeken van de werkelijk duizelingwekkende aantallen Oranje Zandoogjes en Hooibeestjes; dit levert na een tijdje een Zuidelijk Oranje Zandoogje op, ook al zo’n soort met minieme verschillen ten opzichte van het oranje zandoogje. De derde is ook al zo lastig, maar wel te doen: een Zuidelijke Aardbeivlinder, een leuk soort spikkeldikkopje. Eigenlijk nagenoeg gelijk aan Aardbeivlinder, maar hier vliegt volgens de boekjes enkel de zuidelijke soort. Oké. Er vliegt nog genoeg verder, en met onder andere Bretons Spikkeldikkopje, Bruin Dikkopje, Bruine Vuurvlinder, Oranje en Gele Luzernevlinder, Dambordjes en Koningspages vermaak ik me prima. Leuk is ook een wegschietende Westelijke Smaragdhagedis, groen zijn die man!

In de middag gaan we de Tour de France live kijken (geweldige sfeer!), waarbij op de terugweg een Zomertortel een leuke +1 op de vakantielijst is.

HC4A0217 (2)

Zuidelijke Aardbeivlinder; Southern Grizzled Skipper; Pyrgus malvoides

Woensdag 19 juli; Rondje Fietsen / Thuis

‘s Ochtends vroeg maak ik m’n eerste rondje op de fiets. Omhoog naar het dorpje Saint-Laurent-sous-Coiron stop ik bij een ruigtestukje waar minstens 20 Europese Kanaries rondvliegen, die volop aan het zingen zijn. Er zit genoeg hier: meerdere Orpheusspotvogels, een Nachtegaal, Gekraagde Roodstaarten, en zeker net zo leuk een paartje Kleine Zwartkoppen. Bovenaan bij het dorpje zitten wat Grauwe Klauwieren, en met de zon op de rug zijn wat Bijeneters in de vallei fenomenaal te zien.

Een rondje over het vlinderveldje levert alweer een nieuwe soort op: Westelijke Parelmoervlinder! Mooi beestje, en niet in Nederland, dus dat is altijd leuk. Verder andere leuke soorten als Veldparelmoervlinder, Klaverblauwtje, Kaasjeskruiddikkopje en Argusvlinder.

Verder zowaar een keer een nieuwe soort in de avond, en dat kan natuurlijk alleen maar een uil zijn: inderdaad, Dwergooruil. Gek geluid voor een uil, en het draagt ook enorm ver. Gaaf dus.

HC4A0245 (2)

Europese Kanarie; European Serin; Serinus serinus

HC4A0234 (2)

Kleine Zwartkop; Sardinian Warbler; Sylvia melanocephala

HC4A0283 (2)

Westelijke Parelmoervlinder; Meadow Fritillary; Melitaea parthenoides

Donderdag 20 juli; Aven d’Orgnac / Labeaume

Één van de ‘Grand Sites de France’, en niet voor niks: Aven d’Orgnac is zóó mooi, groot, indrukwekkend etc.! En dan zie je maar een paar honderd meter van de kilometerslange gangen… Buiten enorm veel Koningspages.

Na de Aven gaan we nog even naar Labeaume, een mooi, middeleeuws dorpje. Weer een nieuwe vlinder: een Cleopatra, en direct meerdere. Verder ook een Grote Weerschijnvlinder bij een uitzichtspunt en weer wat Alpengierzwaluwen en Rotszwaluwen, eigenlijk standaard bij alle rivieren-met-rotsen hier.

HC4A0364 (2)

Aven d’Orgnac

HC4A0447 (2)

Labeaume

Vrijdag 21 juli; La Roque-sur-Cèze / Cascades du Sautadet

Heet vandaag, dus na het dorpje La Roque-sur-Cèze gaan we zwemmen bij wat watervallen, die overigens nogal mooi zijn. La Roque-sur-Cèze ook, weer zo’n leuk middeleeuws dorpje die nog in de oude staat is. Blauwe IJsvogelvlinder is eigenlijk het enige noemenswaardige qua fauna van de dag.

HC4A0558 (2).JPG

La Roque-sur-Cèze

Zaterdag 22 juli; Thuis

Weer zo heet, eigenlijk zo heet dat zelfs vlinders in de ochtend er al te veel aan zijn. Wel een nieuwe soort zowaar, een Grote Boswachter, zowel een levende als een dode. Verder eigenlijk alleen maar een Zuidelijke Aardbeivlinder en een Groot Dikkopje als de wat leukere soorten.

Een eerste week met nu al 2 nieuwe vogelsoorten en 5 nieuwe vlinders, dat begint zeker niet slecht, en dat ondanks de hitte die maar aan blijft houden…

Rondje AWD

Donderdag 14 juli 2017

Alweer een paar weken terug kreeg ik op m’n studie het mooiste vak dat er is: Biodiversiteit van Nederland. Vier weken naar plantjes en insectjes kijken, en daarbij nog vaak naar buiten gaan ook. Perfect! Zo leverde een excursie naar de omgeving van Groesbeek tientallen Zilveren Manen, Alpenwatersalamanders en een Fluiter op, terwijl we bij een excursie naar Limburg een Rode Wouw zagen, plus verschillende enorm mooie orchideeën als Bijenorchis, Hondskruid, Grote Muggenorchis en Bleek Bosvogeltje.

hc4a9275202

Zilveren Maan; Small Pearl-bordered Fritillary; Boloria silene

HC4A9347 (2)

Grote Muggenorchis; Fragrant Orchid; Gymnadenia conopsea

HC4A9398 (2)

Bijenorchis; Bee Orchid; Ophrys apifera

HC4A9419 (2)

Hondskruid; Pyramidal Orchid; Anacamptis pyramidalis

Nu het vakantie is, maak ik, net als eigenlijk elk jaar, weer een uitstapje met m’n opa. Aangezien er nergens echt leuke vogelsoorten zitten binnen redelijke afstand, besluiten we een wandeling te gaan maken door de Amsterdamse Waterleidingduinen. Al vrij snel vinden we verschillende soorten viooltjes, zoals Duinviooltje en Driekleurig Viooltje. Mooie dingetjes. Drie Wespendieven laten zich prachtig rondcirkelend boven ons zien, terwijl Kuifmezen volop roepen in de naaldbossen. Als de zon doorbreekt, beginnen er eindelijk ook wat vlinders en libellen te vliegen. We zien tientallen Watersnuffels, opvallend veel Steenrode en Bruinrode Heidelibellen, een Kleine Vuurvlinder, en na even zoeken bij het Sprenkelkanaal vinden we ook de doelsoort van vandaag: een mannetje Zuidelijke Keizerlibel! Deze soort neemt de laatste jaren enorm toe in Nederland, en in de AWD zit ondertussen al een aardige populatie. Een paar minuten later volgt alweer een nieuwe soort (binnen Nederland dan): een Kleine Parelmoervlinder. In de duinstreek totaal niet zeldzaam, maar ja, dan moet je er wel komen wil je ze zien. In ieder geval een enorm mooi vlindertje.

HC4A9762 (2)

Wespendief; European Honey Buzzard; Pernis apivorus

HC4A9801 (2)

Kleine Parelmoervlinder; Queen of Spain Fritillary; Issoria lathonia

Verder lopend langs de kanalen zien we heel wat Gekraagde Roodstaarten, een Boomleeuwerik en veel Bruin Zandoogjes en Koevinkjes. Langs een wat kleiner kanaal vinden we tot onze verrassing zelfs nog meer Zuidelijke Keizerlibellen, in totaal nog drie mannetjes en zelfs een ei-afzettend vrouwtje, die zich supermooi laat zien. Even verderop, vlak bij de enorme aalscholverkolonie, zien we in een leuk hoekje een Grauwe Vliegenvanger, een Eikenpage en een Grote Bonte Specht die wat op de grond aan het foerageren is, een best wel vreemd gezicht.

HC4A9848 (2)

Boomleeuwerik; Woodlark; Lullula arborea

HC4A9874 (2)

Zuidelijke Keizerlibel; Lesser Emperor; Anax parthenope

HC4A9964 (2)

Grote Bonte Specht; Great Spotted Woodpecker; Dendrocopos major

Op de Rozenberg volgt een nieuwe verrassing: voor onze voeten vliegt een Duinparelmoervlinder op, alweer een nieuwe voor mij binnen Nederland. Dat deze soort hier voorkwam, wisten we wel, maar echt verwacht hadden we ze hier niet. Op hetzelfde stukje duin vliegt verder een Heivlinder, en stikt het van de Blauwvleugelsprinkhanen.

HC4A0010 (2)

Duinparelmoervlider; Niobe Fritillary;

Het laatste stuk levert qua soorten niet zo veel meer op, tot we terug bij de Oranjekom zijn. Hier zitten eigenlijk altijd wel Keizersmantels, en zo ook vandaag. We vinden drie van deze prachtige grote, oranje vlinders, die zich werkelijk fenomenaal laten zien. Een superafsluiting van een geweldig mooie wandeling (zie hier voor de route).

HC4A0059 (2)

Keizersmantel; Silver-washed Fritillary; Argynnis paphia

HC4A0067 (2)

Keizersmantel; Silver-washed Fritillary; Argynnis paphia